De basisprincipes van huidverzorging
Over de term cosmetisch zijn de meningen verdeeld. Terwijl voor de één schoonheidsverzorging deel uitmaakt van het persoonlijke welzijn, staan veel cosmetisch dermatologen hier nogal sceptisch tegenover.
Dermatologie wordt gedefinieerd als de diagnostiek en behandeling van huid- en geslachtsziekten. Het bevat echter ook naast bepaalde onderdelen van de esthetische en cosmetische chirurgie de huidfarmacologie.
Vroeger bestond er een duidelijk onderscheid tussen geneesmiddelen en cosmetica. Hippocrates, de ‘vader van de geneeskunst’ heeft een uitgebreide verzameling cosmetische formuleringen nagelaten. Galenus van Pergamon, de grondlegger van de farmaceutische formuleringen, deed niet alleen onderzoek naar anatomie, hygiëne, pathologie en farmacie, maar ook naar de formuleringen van cosmetische preparaten. In de late Middeleeuwen werd echter een strikte scheiding aangebracht tussen cosmetica en geneeskunst. Aan het begin van de 14e eeuw schreef Henri De Mondeville een chirurgisch handboek waarin hij duidelijk de grens afbakende tussen pathologische en cosmetische aspecten van behandelingen.
Vanaf dat moment hield de dermatologie zich bezig met pathologische huidveranderingen die een medische behandeling vereisten en de cosmetica met schoonheidsproblemen met betrekking tot de huid. Hiermee verdween de eenheid tussen schoonheid en gezondheid uit zuiver wetenschappelijke overwegingen. De wetenschap verloor daarbij het meer algemene aspect van het welzijn van de mens uit het oog en de cosmetica de medische aspecten.
Huidverzorging
Moderne medicinale huidverzorging
De medicinale huidverzorging is het resultaat van het herstel van de in de Middeleeuwen verloren gegane eenheid tussen geneeskunde en cosmetica. Lichaamshygiëne en lichaamsverzorging zijn van groot belang voor de gezondheid en spelen een belangrijke rol bij het voorkomen en de behandeling van ziekten. De afgelopen jaren zijn verschillende organisaties opgericht voor de ontwikkeling van concepten voor cosmetische dermatologie.
De doelstellingen van medicinale huidverzorging
Het belangrijkste doel van medicinale huidverzorging is herstel en instandhouding van de fysiologische balans van de huid. Eudermia is de fysiologische toestand van de huid. Een gezonde huid wordt vooral gekenmerkt door een goede balans tussen vocht en lipiden in combinatie met een fysiologische pH (i) van het huidoppervlak die de aanwezige huidflora bepaalt.
Bij de medicinale huidverzorging worden verschillende werkzame bestanddelen op de huid aangebracht om de beschermende werking van de huid te versterken en verstoringen in de balans te compenseren. Zo kunnen huidverzorgende producten de huid beschermen tegen schadelijke omgevingsinvloeden (i), zoals droogte en kou. Bovendien wordt door het aanbrengen van vochtregulerende factoren en lipiden een verstoorde huidbalans hersteld en dus de ontwikkeling van ziektes voorkomen. Deze producten kunnen in geval van huidziekten de juiste medische behandeling in de vorm van een aanvullend zorgprogramma ondersteunen. Hoewel huidverzorging de schadelijke effecten van externe milieu-invloeden kan tegengegaan, kunnen endogene factoren, zoals natuurlijke huidverouderingsprocessen, niet worden beïnvloed.
Toevoer van vocht - hydratatie, vochtinbrenging
Het inbrengen van vocht in de hoornlaag, hydratatie, is heel eenvoudig. De waterfase van een huidverzorgingsemulsie kan de huid in zeer korte tijd heel veel vocht laten opnemen. Het gewenste vochtinbrengende effect in de huid is echter maar van korte duur: De huid verliest dit vocht snel door verdamping. Voor structurelere hydratatie van de huid zijn andere componenten nodig, namelijk zogenaamde hygroscope stoffen of ‘moisturizers’ (vochtinbrengers (i)). Ook kan occlusie het vochtvasthoudende vermogen van de huid verbeteren.
Toevoer van lipiden - talglipiden, barrièrelipiden
De lipidefase van een huidverzorgingsemulsie herstelt het lipidegehalte in de huid. Hierbij gaat het vooral om twee soorten lipiden:
- Talglipiden: bestanddelen van talg (i). Zij vormen een soort afsluitend laagje op de huid. Toevoeging van talglipiden aan een droge, vetarme huid herstelt de normale huidbalans.
- Barrièrelipiden: hoofdzakelijk ceramiden, cholesterol en vrije vetzuren, vooral linolzuur. Zij bevinden zich tussen de lipiden van de hoornlaag. De barrièrelaag (i) van de hoornlaag wordt voor een groot deel bepaald door het gehalte aan epidermale lipiden. Dit kan door uitwendig gebruik van aan de huid verwante lipiden worden hersteld.
Manieren om het vochtgehalte van de huid te verhogen:
- Natuurlijke vochtvasthoudende factoren (i) (NMF):
Dit zijn huideigen stoffen die water in de hoornlaag kunnen binden. Zij zijn afkomstig van zweet, talg (i) en het verhoorningsproces (i), waarbij ureum (i), melkzuur en aminozuren vrijkomen. - Vitaminen:
Bijvoorbeeld dexpanthenol (provitamine B5) en vitamine E. Naast hun kenmerkende eigenschappen in biochemische processen hebben zij een uitstekend vermogen om water te binden. - Hyaluronzuur:
Als een mucopolysaccharide een belangrijk onderdeel van bindweefsel. Het heeft een uitstekend vochtbindend vermogen. - Alpha-hydroxyzuren (AHA’s):
Melk- en citroenzuur (NMF) en appel-, wijn- en glycolzuur. - Occlusie:
Zelfs een emulsie die geen werkzame bestanddelen bevat, kan het vochtgehalte van de huid beïnvloeden. Bijvoorbeeld lipidenbestanddelen op basis van paraffinekoolwaterstoffen hebben een sterk hydraterende werking. Doordat zij het huidoppervlak afsluiten, hoopt extra vocht zich in de hoornlaag op.





